Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 april 2018

Onder 5.16 Parket bij de Hoge Raad 26 april 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:468.

Aangezien het Hof oordeelde dat de bewijslast ingevolge de informatiebeschikking was omgekeerd en verzwaard, heeft het Hof niet beoordeeld of de Inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat belanghebbende een absoluut en relatief omvangrijk bedrag niet heeft aangegeven. Uit hetgeen partijen over en weer hebben aangevoerd en het Hof dienaangaande heeft geoordeeld, volgt echter dat de Inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat een aanzienlijk bedrag niet is aangegeven. De Inspecteur heeft volgens het Hof immers aangetoond dat bij belanghebbende in het onderhavige jaar is gebleken van een vermogenstoename van € 415.000, dat de door belanghebbende daarvoor gegeven verklaringen onaannemelijk zijn en die toename alleen kan worden verklaard uit het niet aangeven van belastbaar inkomen. De vaststaande feiten laten bovendien geen andere conclusie toe dan dat het niet aangegeven bedrag van € 415.000 zowel absoluut als relatief omvangrijk is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/601c8d2df79bfd71a9d644967b34423f94e4a99d36bcc2ecba91c168e759fa2d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 601c8d2df79bfd71a9d644967b34423f94e4a99d36bcc2ecba91c168e759fa2d, en de alinea staat in dat document op bytes 123252 tot 124272.