Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 april 2018

Onder 6.8 Parket bij de Hoge Raad 24 april 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:470.

Art. 7:232(4) BW is in 1978 als tweede volzin van art. 1623a(1) (oud) BW ingevoerd. Uit de memorie van toelichting uit 1973 volgt dat de bedoeling was om aan de kritiek tegemoet te komen dat gemeentelijke voor sloop bestemde woningen soms langdurig leeg stonden omdat de gemeente nog bezig was om overblijvende bewoners te herplaatsen en niet het risico wilde lopen daarna weer met hetzelfde probleem te zitten ter zake van tijdelijke huurders. Er moest een mechanisme bedacht worden om zulke leegstaande woningen in een nog niet helemaal leeg complex toch tijdelijk voor bewoning beschikbaar te houden zonder de risico’s van huurbescherming en herplaatsingsproblemen. Het betrof dus veelal panden die al aan de huurwoningvoorraad waren onttrokken, voor zover zij daar al toe hadden behoord. De medewetgever lichtte een en ander als volgt toe:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01caef437b5b327071c4e9de231082dc305f4192dc873e81a8832c850849c289. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01caef437b5b327071c4e9de231082dc305f4192dc873e81a8832c850849c289, en de alinea staat in dat document op bytes 88531 tot 89517.