Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2018

Onder 2.2 Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:475.

[verzoekster] heeft daaraan ten grondslag gelegd dat uit het onderzoeksrapport van RBZ blijkt dat [verweerder] bij het toelatingsverzoek onjuiste informatie heeft verstrekt over zijn woonadres en zijn woonsituatie, aangezien hij niet bij zijn ouders verblijft maar samenwoont met zijn vriendin. Het kostgeld van € 500,- per maand dat hij aan zijn ouders zou betalen, wordt ten onrechte als kosten opgevoerd. De schuldeisers worden benadeeld door het opvoeren van niet bestaande kosten. Tevens blijkt dat [verweerder] de door hem gekochte auto, die hij in 2011 op een andere naam heeft laten zetten, nog steeds in gebruik heeft. Daarmee heeft hij de waarde van de auto aan de boedel onttrokken. Deze informatie zou, indien deze bij de beoordeling van het toelatingsverzoek bekend was geweest, ertoe geleid hebben dat het verzoek was afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7ab72ba784044078b17a0a816ab428beabbf86f2a26ecd4cbc801647f7f2e0ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7ab72ba784044078b17a0a816ab428beabbf86f2a26ecd4cbc801647f7f2e0ba, en de alinea staat in dat document op bytes 10789 tot 11656.