Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2018

Onder 3.12. Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2018, ECLI:NL:PHR:2018:497.

Het huidige ontslagrecht verschilt in zoverre van het voor 1 juli 2015 geldende ontslagrecht dat onder het huidige ontslagrecht hoger beroep en cassatie tegen de ontbindingsbeschikking en (de hoogte van) de toegekende vergoeding openstaat. Onder het vorige ontslagrecht was van een ontbindingsbeschikking op grond van artikel 7:685 lid 11 BW (oud) in beginsel geen hoger beroep mogelijk. Artikel 7:685 lid 9 BW (oud) voorkwam dat de werkgever die het ontbindingsverzoek had ingediend, ongewild vastzat aan de verplichting tot betaling van een hoge vergoeding door hem de mogelijkheid te geven het ontbindingsverzoek in te trekken. De werknemer kon de werking aan de mogelijkheid tot intrekking overigens ontnemen door een zelfstandig tegenverzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst in te dienen. De indiening van een zelfstandig tegenverzoek ex artikel 7:685 BW had tot gevolg dat de werknemer zich niet meer tegen de ontbinding van de arbeidsovereenkomst verzette. De indiening van een zelfstandig tegenverzoek is onder de Wwz nog steeds mogelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/43347aeca74139ee70ea6fab88874e7b54598f2789b6ccfe6a8a6b1dd2095583. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 43347aeca74139ee70ea6fab88874e7b54598f2789b6ccfe6a8a6b1dd2095583, en de alinea staat in dat document op bytes 27991 tot 29315.