Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2018
Onder 3.23. Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2018, ECLI:NL:PHR:2018:497.
Het onder het oude ontslagrecht geldende argument dat de werkgever een mogelijkheid tot intrekking moest worden gegeven omdat hij anders bij gebrek aan een hoger beroeps- of cassatiemogelijkheid ongewild vastzat aan een door de rechter vastgestelde hoge vergoeding, gaat onder het huidige recht voor de transitievergoeding niet op. Niet alleen staat onder de Wwz de mogelijkheid van hoger beroep en cassatie open, ook de hoogte van een eventueel te betalen transitievergoeding levert voor de werkgever geen verassing op. De wet geeft immers een uitgewerkt systeem voor de berekening van de hoogte van de transitievergoeding (artikel 7:673 t/m 673d BW). Een werkgever die voornemens is een ontbindingsprocedure te starten kan zelf op eenvoudige wijze de hoogte van de transitievergoeding berekenen en aan de hand van de uitkomst bepalen of hij bereid dan wel in staat is om de transitievergoeding aan werknemer te betalen in het geval geen van de omstandigheden van artikel 7:673 lid 7 BW zich voordoen op grond waarvan de transitievergoeding aan de werknemer kan worden onthouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/43347aeca74139ee70ea6fab88874e7b54598f2789b6ccfe6a8a6b1dd2095583. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 43347aeca74139ee70ea6fab88874e7b54598f2789b6ccfe6a8a6b1dd2095583, en de alinea staat in dat document op bytes 40349 tot 41443.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/43347aeca74139ee70ea6fab88874e7b54598f2789b6ccfe6a8a6b1dd2095583 | shasum -a 256