Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 januari 2018

Onder 2.6 Parket bij de Hoge Raad 19 januari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:50.

Het hof heeft bij brief van 10 juli 2017 het proces-verbaal toegezonden aan mr. Paalman, die deze brief kennelijk op 11 juli 2017 heeft doorgestuurd aan de cassatieadvocaat van [verzoeker] . Uit diens brief van 25 juli 2017 aan de griffie van Hoge Raad, die daar diezelfde dag is ontvangen, blijkt dat hij de brief van mr. Paalman met het proces-verbaal op 12 juli 2017 had ontvangen. Nu het proces-verbaal op 10 juli 2017 door de griffie van het hof is verzonden aan de gemachtigde van [verzoeker] in hoger beroep, is genoemde termijn van 14 dagen op 24 juli 2017 om 24.00 uur verstreken. Nu het aanvullende verzoekschrift op 25 juli 2017, en dus te laat, is ingediend kan op de daarin vervatte aanvulling geen acht worden geslagen. Ik merk echter op dat dit voor de beoordeling van (onderdeel 6 van) het middel niet uitmaakt (zie hierna, 3.17).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7587f843eff654d3ca8bd6bf55ae0c345b74e850db1ae027c7e4e481e8bee908. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7587f843eff654d3ca8bd6bf55ae0c345b74e850db1ae027c7e4e481e8bee908, en de alinea staat in dat document op bytes 18869 tot 19921.