Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2018

Onder 5 Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:512.

126. Het door mij achterhaalde zestal uitspraken betrof telkens zaken waarin al eerder wrakingsverzoeken waren gedaan die door de wrakingskamer van de Hoge Raad waren behandeld. In alle gevallen besliste de wrakingskamer dat voor het onderwerpelijke wrakingsverzoek geen separate wrakingskamer behoefde te worden samengesteld (waarvan de gewraakte rechter(s) in dat geval geen deel uitmaakte(n)). Ter motivering van het oordeel dat het wrakingsverzoek als misbruik van recht moest worden aangemerkt, heeft de Hoge Raad telkens niet alleen gewezen op het aantal voorafgaande wrakingsverzoeken maar ook op hetgeen ten grondslag was gelegd aan het wrakingsverzoek dat buiten behandeling werd gelaten. In zoverre werd het wrakingsverzoek de facto telkens inhoudelijk beoordeeld door de gewraakte rechter(s) zelf. In geval van misbruik heeft de Hoge Raad de verzoeker in zijn verzoek om wraking niet-ontvankelijk verklaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea5d5cd29ce2e56400674367b78575db6594f02653dc266cc07a453ec9c917f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea5d5cd29ce2e56400674367b78575db6594f02653dc266cc07a453ec9c917f0, en de alinea staat in dat document op bytes 103744 tot 104675.