Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2018
Onder 4.4. Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2018, ECLI:NL:PHR:2018:512.
“ Art. 326, tweede lid, der bestaande wet laat het aan den gewraakten rechter over, of hij al dan niet aan de beoordeeling van en de beslissing over de te zijn aanzien voorgedragen wraking zal deelnemen. Dit systeem is in het algemeen niet goed te verdedigen; een rechter moet niet over zijn eigen zaak beslissen. Alleen ten aanzien van een alleen rechtsprekenden of onderzoekenden rechter is dit bezwaarlijk te vermijden, gelijk hiervoren is uiteengezet (bij art. 487). Daarom is hier bepaald, dat de in een college zitting hebbende rechter, op straffe van nietigheid, zich van deelneming aan de beslissing over zijn eigen verschooning of wraking moet onthouden. Een ander rechter zal dus moeten worden aangewezen om van de voordracht kennis te nemen en daarop te beslissen […]. ”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea5d5cd29ce2e56400674367b78575db6594f02653dc266cc07a453ec9c917f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea5d5cd29ce2e56400674367b78575db6594f02653dc266cc07a453ec9c917f0, en de alinea staat in dat document op bytes 46556 tot 47453.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ea5d5cd29ce2e56400674367b78575db6594f02653dc266cc07a453ec9c917f0 | shasum -a 256