Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2018
Onder 3.9 Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2018, ECLI:NL:PHR:2018:521.
Diverse malen overwoog het Hof van Justitie dat inbreuken naar strekking vormen van collusie tussen ondernemingen zijn die naar hun aard kunnen worden geacht schadelijk te zijn voor de goede werking van de normale mededinging. In het arrest T-Mobile uit 2009 wordt dit laatste al snel aangenomen, namelijk als de afgestemde gedraging “ negatieve gevolgen voor de mededinging kan hebben .” Deze passage is nadien niet herhaald. Dat lijkt terecht, omdat de mogelijkheid dat gedrag negatieve gevolgen kan hebben voor de mededinging hier onder het strekkingsbegrip wordt gebracht. Daardoor verwatert de dichotomie strekkingsbeperking / gevolgbeperking. Dit is bekritiseerd onder andere door A-G Wahl in zijn conclusie in de zaak Groupement des cartes bancaires . De A-G stelde voor de reikwijdte van de strekkingsbeperking in te perken tot mededingingsbeperkingen die “ intrinsiek in een bepaalde mate nadelig zijn ”.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c1715dd6c44db07df616427ba5dd25858b8ff789a2c51ee2bb687f782e485861. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c1715dd6c44db07df616427ba5dd25858b8ff789a2c51ee2bb687f782e485861, en de alinea staat in dat document op bytes 47780 tot 49157.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c1715dd6c44db07df616427ba5dd25858b8ff789a2c51ee2bb687f782e485861 | shasum -a 256