Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2018
Onder 3.2 Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2018, ECLI:NL:PHR:2018:527.
“3.5 (…) Ingevolge art. 7:680a BW is de rechter slechts bevoegd om een vordering tot doorbetaling van loon die gegrond is op vernietigbaarheid van de opzegging van de arbeidsovereenkomst te matigen, indien toewijzing in de gegeven omstandigheden tot onaanvaardbare gevolgen zou leiden. Bij zijn oordeel in hoeverre aan dit vereiste is voldaan, dient de rechter een mate van terughoudendheid te betrachten die met deze maatstaf strookt, en daarvan in zijn motivering te doen blijken. (Zie: HR 13 september 2002, nr. C98/162, LJN AE4291, NJ 2002, 496 en HR 26 maart 2004, nr. C02/285, LJN AO1943, NJ 2004, 322). Indien de rechter tot matiging van een loonvordering wil overgaan, hetgeen hij ook ambtshalve kan doen, is hij gehouden alle bijzondere omstandigheden van het geval in aanmerking te nemen. (…) ”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aabdb85dae64733b5103980c14a866d0f4ffd1affb70bd48790ed67581c03185. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aabdb85dae64733b5103980c14a866d0f4ffd1affb70bd48790ed67581c03185, en de alinea staat in dat document op bytes 21753 tot 22624.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aabdb85dae64733b5103980c14a866d0f4ffd1affb70bd48790ed67581c03185 | shasum -a 256