Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018
Onder 3.40. Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:578.
De klacht kan niet tot cassatie leiden. In de memorie van grieven zijdens Imeko (nr. 13 in het procesdossier) lees ik inderdaad onder 16 (p. 8): “ [eiser] diende bij [betrokkene 4] zijn rekeningen in, die deze betaalde.” Mijns inziens is voor de conclusie van het hof in rov. 3.9 dat “de door [eiser] ontvangen beloning buiten het zicht van Imeko – althans van de personen c.q. organen van Imeko die het aangaat – is gebleven” niet van belang wie de betalingen verrichtte. Het hof heeft in die conclusie immers het oog gehad op kennis van de AV als orgaan (nr. 3.32). Overigens merk ik nog op dat in de memorie van antwoord zijdens [eiser] (nr. 14 in het procesdossier) onder 32 (p. 11) wordt opgemerkt: “[ [betrokkene 4] ] verrichte geen betalingen zelf, dat werd door [eiser] gedaan.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb3a913692b41442d4b8214c0b4813c50f278263197a3ca872c4e8c8382c4f35. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb3a913692b41442d4b8214c0b4813c50f278263197a3ca872c4e8c8382c4f35, en de alinea staat in dat document op bytes 82344 tot 83159.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cb3a913692b41442d4b8214c0b4813c50f278263197a3ca872c4e8c8382c4f35 | shasum -a 256