Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018

Onder 3.13 Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:578.

Voor zover de tegenvordering van [eiser] strekt tot betaling van een declaratie voor bestuurstaken over 2005 geldt ook hier als afwijzingsgrond dat het beloningsbesluit van de ava van 27 juni 2002 geacht wordt een vergoeding voor die taken in te sluiten. Voor zover de vordering strekt tot schadevergoeding wegens de niet nakoming van een met [betrokkene 3] gemaakte afspraak dat [eiser] nog vijf tot zeven jaar aan zou blijven, wordt het overeenkomstig het voorgaande ervoor gehouden dat het kennelijk de bedoeling was dat [eiser] als commissaris zou aanblijven, terwijl dat ter discretie staat van de ava en niet van een (toekomstige) bestuurder. De beweerdelijke afspraak met [betrokkene 3] heeft Imeko dus niet kunnen binden en een schending van die afspraak kan dus niet tot haar aansprakelijkheid leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb3a913692b41442d4b8214c0b4813c50f278263197a3ca872c4e8c8382c4f35. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb3a913692b41442d4b8214c0b4813c50f278263197a3ca872c4e8c8382c4f35, en de alinea staat in dat document op bytes 19922 tot 20745.