Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018

Onder 3.14. Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:578.

Dat een dubbelrol als commissaris en bestuurder is uitgesloten, neemt niet weg dat een commissaris onder bijzondere omstandigheden gedurende zekere tijd bepaalde daden van bestuur kan verrichten. Die mogelijkheid wordt genoemd in artikel 2:151 BW (“Allen, commissarissen of anderen, die (…) daden van bestuur verrichten (…)”), en wordt ook bevestigd in rov. 3.4 van het Imeko-arrest uit 2012 (zie nr. 3.2 van deze conclusie). Dat de commissaris tijdelijk daden van bestuur kan verrichten, brengt echter nog niet mee dat hij ook de hoedanigheid van (statutaire) bestuurder verkrijgt. Als een commissaris wel (al dan niet tijdelijk) wordt benoemd tot statutair bestuurder dient hij – vanwege de onverenigbaarheid van beide functies – in elk geval tijdelijk zijn hoedanigheid van commissaris op te geven. Van Solinge & Nieuwe Weme verdedigen de regel dat een commissaris die is aangewezen als tijdelijke bestuurder altijd zijn commissarisfunctie moet opgeven. Dit strenge uitgangspunt kan weliswaar als best practice worden aanvaard , maar gaat mij als regel te ver. De commissaris die is aangewezen als tijdelijke bestuurder in de zin van artikel 2:134 lid 4 BW en voor zekere tijd daden van bestuur verricht in de zin van artikel 2:151 BW – zonder een daartoe strekkend benoemingsbesluit van het daartoe bevoegde orgaan van de vennootschap (de AV; zie nr. 3.8) – maakt geen deel uit van het bestuur, maar is nog steeds lid van de RvC.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb3a913692b41442d4b8214c0b4813c50f278263197a3ca872c4e8c8382c4f35. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb3a913692b41442d4b8214c0b4813c50f278263197a3ca872c4e8c8382c4f35, en de alinea staat in dat document op bytes 48618 tot 50445.