Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018

Onder 3.25. Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:578.

Het subonderdeel faalt. Ik stel voorop dat de positie van de commissaris tot de vennootschap tweeledig is. Naast de vennootschapsrechtelijke verhouding – het subonderdeel spreekt van een “functionele” verhouding – bestaat een contractuele verhouding tot de vennootschap in de vorm van een overeenkomst van opdracht in de zin van artikel 7:400 BW. Bij de bestuurder van een vennootschap bestaat eveneens een dubbele rechtsbetrekking; naast de vennootschapsrechtelijke verhouding staat de bestuurder ook in een contractuele verhouding tot de vennootschap. De contractuele verhouding van een bestuurder kan kwalificeren als een overeenkomst van opdracht of arbeidsovereenkomst. Voor overeenkomsten aangegaan vanaf 1 januari 2013 geldt overigens voor bestuurders van beursvennootschappen dat de contractuele verhouding niet langer kan worden aangemerkt als een arbeidsovereenkomst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb3a913692b41442d4b8214c0b4813c50f278263197a3ca872c4e8c8382c4f35. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb3a913692b41442d4b8214c0b4813c50f278263197a3ca872c4e8c8382c4f35, en de alinea staat in dat document op bytes 63726 tot 64816.