Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2018

Onder 3.45 Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:581.

In de kern ziet subonderdeel II.1 op rov. 9.4 waar het hof heeft overwogen dat de situatie van art. 154 lid 2 Rv, waarin is bepaald dat een gerechtelijke erkentenis alleen kan worden herroepen indien aannemelijk is dat zij door een dwaling of niet in vrijheid is afgelegd, zich niet voordoet. Het subonderdeel bestrijdt het oordeel van het hof dat er geen gronden voor herroeping zouden zijn. De vraag die in dat verband voorligt, is of [eiser] c.s. een succesvol beroep kon doen op dwaling als grond voor herroeping. In de onderhavige zaak is dwaling de enige in aanmerking komende grond voor herroeping: dat de erkentenis niet in vrijheid en dus onder dwang tot stand is gekomen, is niet gesteld en overigens ook niet aannemelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dfc393fa5cb7dcdfc7a3fbe07007b5b0261b9077154a7bfe985122b899fbb9f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dfc393fa5cb7dcdfc7a3fbe07007b5b0261b9077154a7bfe985122b899fbb9f0, en de alinea staat in dat document op bytes 84534 tot 85280.