Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 april 2018
Alinea 178 Parket bij de Hoge Raad 17 april 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:613.
21. Een persoon die rechtstreeks schade heeft geleden door een strafbaar feit, kan zich op de voet van art. 51f Sv terzake van zijn vordering als benadeelde partij voegen in het strafproces. De voornoemde schade omvat zowel vermogensschade (materiële schade), als ander nadeel (immateriële schade). Art. 6:95 BW bepaalt dat immateriële schade voor vergoeding in aanmerking komt voor zover de wet hierop recht geeft. Deze gevallen zijn in art. 6:106, eerste lid, BW als volgt nader uitgewerkt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/83e2d58dd04f47122bde0ded79da6686978295518206c2f96c7a41a295099657. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 83e2d58dd04f47122bde0ded79da6686978295518206c2f96c7a41a295099657, en de alinea staat in dat document op bytes 47062 tot 47570.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/83e2d58dd04f47122bde0ded79da6686978295518206c2f96c7a41a295099657 | shasum -a 256