Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2018

Onder 4.17 Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:625.

In Bog e.a. , een arrest dat het HvJ (Eerste kamer) een week na Commissie/Nederland (arrest van de Derde Kamer) heeft gewezen, overweegt het HvJ dat het begrip ‘levensmiddelen’ moet worden uitgelegd tegen de achtergrond van de context waarin het in de Zesde richtlijn wordt gebruikt en dat punt 1 van Bijlage III ziet op levensmiddelen in het algemeen . In die zaak stond de vraag centraal of de verstrekking van vers bereide spijzen of eetwaren door snackbars, snackwagens of bioscoopfoyers voor onmiddellijke consumptie een levering van goederen dan wel een dienstverrichting betreft. Dit was van belang voor het toe te passen tarief: verlaagd of algemeen. In het geval dat deze prestatie als levering kon worden aangemerkt, was het de vraag of het begrip ‘levensmiddelen’ in bijlage H, categorie 1, van de Zesde richtlijn – de voorloper van punt 1 van Bijlage III bij de Btw-richtlijn – dan in die zin moet worden uitgelegd dat dit ook voor onmiddellijke consumptie bereide spijzen of maaltijden omvat. Met betrekking tot deze laatste vraag overweegt het HvJ (cursivering CE):

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97c2b9aea766decd7a8c8dbc9ac4303e7ae65825d4a4b3bb0ec4ace4d17a58f3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97c2b9aea766decd7a8c8dbc9ac4303e7ae65825d4a4b3bb0ec4ace4d17a58f3, en de alinea staat in dat document op bytes 52525 tot 53796.