Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2018

Onder 2.21. Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2018, ECLI:NL:PHR:2018:632.

“Naar het oordeel van de rechtbank is artikel 223 Rv niet geschreven voor echtscheidingsprocedures, nu ten aanzien van die procedures reeds de mogelijkheid bestaat om voorlopige voorzieningen te vragen, welke voorzieningen limitatief in artikel 822 Rv zijn opgesomd. De mogelijkheid om een provisionele voorziening te vragen als bedoeld in artikel 223 Rv is immers specifiek bedoeld voor andere verzoekschriftprocedures dan echtscheidingsprocedures. (…) Door ook andere niet in artikel 822 Rv genoemde voorlopige voorziening[en] mogelijk te maken in echtscheidingsprocedures zou binnen de echtscheidingsprocedure een ongelijkheid ontstaan ten aanzien van de mogelijke voorlopige voorzieningen, hetgeen als ongewenst resultaat een versplintering van de procedure mee zou brengen (…). Voorts heeft de wetgever bewust besloten om hoger beroep in een voorziening ex artikel 822 Rv in beginsel uit te sluiten en wijziging zeer beperkt mogelijk te maken, terwijl van een voorziening ex artikel 223 Rv hoger beroep en cassatie kan worden ingesteld (…). De rechtbank stelt vervolgens vast dat artikel 822 Rv niet de mogelijkheid kent een verklaring voor recht af te geven inhoudende dat de man naast de vrouw met het gezag is belast.” (rov. 3.4.5).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe39b2646033695a0460faf76baa18c3c37ce64506c6b2ba375ed92c6fe049c3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe39b2646033695a0460faf76baa18c3c37ce64506c6b2ba375ed92c6fe049c3, en de alinea staat in dat document op bytes 33178 tot 34441.