Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2018
Onder 5.6. Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:688.
De vraag is, zoals gezegd, of de wijziging van de inkeerregeling per 2 juli 2009 ertoe leidt dat eiseres wordt geconfronteerd met “a heavier penalty (…) than the one that was applicable at the time the criminal offence was committed”. Dienaangaande stelt de rechtbank voorop dat de onderhavige boete is opgelegd op grond van artikel 67e, eerste lid, van de AWR, welk artikel een zelfstandige boetebepaling vormt waarin is neergelegd welke gedraging onder welke omstandigheden leidt tot het vaststellen van het beboetbare vergrijp en tot welke boete die vaststelling ten hoogste kan leiden. De in het eerste lid van artikel 67e van de AWR opgenomen strafbedreiging is tussen de tijdstippen waarop de beboetbare feiten zijn begaan en het tijdstip van oplegging van de boete niet gewijzigd, zodat van een wijziging van wetgeving in de zin van meerbedoelde verdragsbepalingen in zoverre geen sprake is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/18cb4fa9b44007fba28b197788d5504d3e170c222c344056056e028dfad37651. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 18cb4fa9b44007fba28b197788d5504d3e170c222c344056056e028dfad37651, en de alinea staat in dat document op bytes 111734 tot 112652.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/18cb4fa9b44007fba28b197788d5504d3e170c222c344056056e028dfad37651 | shasum -a 256