Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2018

Onder 2.30 Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:691.

Onderdeel 6 vervolgt met de klacht dat het oordeel in rov. 3.6 evenzeer onbegrijpelijk is, in het licht van hetgeen de Staat in middelonderdelen 5 - 5.2 heeft aangevoerd. Daaruit zou volgen dat de Raad niet was gehouden tot ander of verdergaand onderzoek dan de Raad heeft verricht. Het oordeel in rov. 3.6 impliceert het verwijt dat de Raad ten behoeve van de vader heeft afgezien van verder onderzoek. Volgens de Staat heeft de Raad een dergelijk standpunt nooit ingenomen; ook het hof wijst niet op een zodanige stelling van de Staat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfda370b624554700cda3832fb06c0b28905ca34b4d2a64f68cdac45a684c79c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfda370b624554700cda3832fb06c0b28905ca34b4d2a64f68cdac45a684c79c, en de alinea staat in dat document op bytes 66952 tot 67550.