Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2018
Onder 2.32 Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:691.
Onderdeel 7 gaat uit van een lezing van het bestreden arrest waarbij het aankomt op de vraag of de Raad het juiste evenwicht heeft gehouden tussen (onder meer) de belangen van de moeder en die van de vader, door geen nader onderzoek te verrichten. De Staat klaagt dat, bij die lezing, onbegrijpelijk is hoe het hof tot dit oordeel is gekomen zonder inbreng van de vader, althans dat bij zo’n oordeel terughoudendheid paste omdat de vader in de aansprakelijkheidsprocedure geen stem heeft gehad. Hieraan doet volgens de klacht niet af dat het hof in rov. 3.1.6 heeft overwogen dat “het standpunt” van de vader kenbaar is uit de gedingstukken: het hof heeft de belangen van de vader slechts kunnen beoordelen aan de hand van de stukken die de moeder en de Raad hadden overgelegd in de onderhavige procedure.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfda370b624554700cda3832fb06c0b28905ca34b4d2a64f68cdac45a684c79c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfda370b624554700cda3832fb06c0b28905ca34b4d2a64f68cdac45a684c79c, en de alinea staat in dat document op bytes 68112 tot 68984.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cfda370b624554700cda3832fb06c0b28905ca34b4d2a64f68cdac45a684c79c | shasum -a 256