Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2018
Onder 3.4. Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:700.
Een van de aspecten van het recht op een eerlijk proces in de zin van artikel 6 EVRM, naast ‘equality of arms’ en ‘proper participation of the parties to the proceedings’, is het recht op ‘adversarial proceedings’. Dit betreft het recht van een proces op tegenspraak en omvat het recht van partijen om kennis te nemen van, en zich te kunnen uitlaten over, alle gegevens en bescheiden die in het geding zijn gebracht en zijn bedoeld om in de oordeelsvorming van de rechter te worden betrokken. De rechter mag bij zijn beslissing zijn oordeel, ten nadele van een der partijen, niet baseren op bescheiden of andere gegevens waarover die partij zich niet voldoende heeft kunnen uitlaten. Of die bescheiden en gegevens al dan niet daadwerkelijk van invloed zijn geweest op het oordeel van de rechtbank doet daarbij niet ter zake. Het is aan partijen en niet aan de rechter om te oordelen over de vraag of de bescheiden en gegevens nopen tot een reactie. Het voorgaande is anders indien het gegevens of bescheiden betreft waarvan in redelijkheid niet kan worden gezegd dat zij van enig belang kunnen zijn voor de beoordeling van de zaak. De hiervoor weergegeven beoordelingsmaatstaf volgt uit het arrest van de Hoge Raad van 9 november 2012 (ECLI:NL:HR:2012:B5882, NJ 2012/637) waarin de Hoge Raad als volgt overwoog:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e7810e8b79b2799818af02011098de03df07ed69128cbaeee9340695b0db66e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e7810e8b79b2799818af02011098de03df07ed69128cbaeee9340695b0db66e, en de alinea staat in dat document op bytes 11989 tot 13680.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2e7810e8b79b2799818af02011098de03df07ed69128cbaeee9340695b0db66e | shasum -a 256