Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 april 2018

Onder 2.31 Parket bij de Hoge Raad 14 april 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:701.

In de tweede plaats blijkt uit het procesdossier niet dat partijen, die na het tussenvonnis van het hof veelvuldig met het hof hebben gecorrespondeerd, op enig moment hebben geprotesteerd tegen de vermelding in het tussenvonnis dat er een proces-verbaal van de zitting was opgemaakt. Indien dat niet aan hen was toegezonden, dan had het voor de hand gelegen dat zij om toezending daarvan zouden hebben verzocht. Uit de gedingstukken is daar niet van gebleken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfdf0be4d7cd9e1163635f515cfdf1ed44cbd99e4f77475a03f842871f5238c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfdf0be4d7cd9e1163635f515cfdf1ed44cbd99e4f77475a03f842871f5238c1, en de alinea staat in dat document op bytes 52992 tot 53503.