Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 april 2018

Onder 3.4.2 Parket bij de Hoge Raad 14 april 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 april 2018, ECLI:NL:PHR:2018:701.

Een rechterlijke beslissing die mede wordt genomen op de grondslag van een voorafgaande mondelinge behandeling (daaronder begrepen een comparitie van partijen of pleidooi in dagvaardingszaken), behoort, behoudens bijzondere omstandigheden, te worden gegeven door de rechter(s) ten overstaan van wie die mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden, teneinde te waarborgen dat het verhandelde daadwerkelijk wordt meegewogen bij de totstandkoming van die beslissing. (…).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfdf0be4d7cd9e1163635f515cfdf1ed44cbd99e4f77475a03f842871f5238c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfdf0be4d7cd9e1163635f515cfdf1ed44cbd99e4f77475a03f842871f5238c1, en de alinea staat in dat document op bytes 25348 tot 25890.