Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2018
Onder 2.10 Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:708.
In randnummer 3.5 wordt betoogd dat het hof in strijd met art. 24 Rv. buiten de grenzen van de rechtsstrijd zou zijn getreden door te oordelen dat de vrouw vanaf de dag dat zij de achterstand in de hypotheekrente en premies levensverzekering aan Delta Lloyd heeft voldaan niet meer gerechtigd is om dwangsommen bij de man te incasseren. De vrouw wijst er in dit verband op dat de rechter de grondslag van de vordering, het verzoek of verweer niet mag aanvullen met feiten en omstandigheden die de andere partij heeft gesteld of hem ter comparitie, uit getuigenverhoren of deskundigenberichten nog zijn gebleken, tenzij deze feiten en omstandigheden alsnog aan de vordering, het verzoek of verweer ten grondslag zijn gelegd (randnummer 3.5.1). Het hof zou zijn oordeel hebben gebaseerd op hetgeen de vrouw bij gelegenheid van pleidooi in appel heeft gesteld (rov. 3.2.6.). Door de man zou echter niet zijn aangevoerd dat hij geen dwangsommen heeft verbeurd omdat de vrouw in december 2015 de achterstand in de hypotheekrente heeft voldaan. Volgens de vrouw heeft de man dit feit ook niet alsnog aan zijn vordering ten grondslag gelegd en is hij er ook steeds vanuit gegaan dat hij dwangsommen heeft verbeurd (randnummer 3.5.2).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9cad3da81552e8e63515b3b2f6c66f221b461e18c5e8415d8a72b52b70af7bc4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9cad3da81552e8e63515b3b2f6c66f221b461e18c5e8415d8a72b52b70af7bc4, en de alinea staat in dat document op bytes 26710 tot 27950.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9cad3da81552e8e63515b3b2f6c66f221b461e18c5e8415d8a72b52b70af7bc4 | shasum -a 256