Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2018
Onder 2.15 Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:708.
Randnummer 3.6 richt zich eveneens tegen het oordeel dat de vrouw vanaf de dag dat zij de achterstand in de hypotheekrente en de premies levensverzekering heeft voldaan, niet meer gerechtigd is om bij de man dwangsommen te incasseren. Het hof zou daarmee de rechtsgronden hebben aangevuld op een wijze die partijen niet konden voorzien, terwijl het hof partijen daarover ten onrechte niet heeft gehoord. Ik maak hieruit op dat volgens de vrouw sprake is van een ontoelaatbare verrassingsbeslissing.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9cad3da81552e8e63515b3b2f6c66f221b461e18c5e8415d8a72b52b70af7bc4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9cad3da81552e8e63515b3b2f6c66f221b461e18c5e8415d8a72b52b70af7bc4, en de alinea staat in dat document op bytes 32774 tot 33286.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9cad3da81552e8e63515b3b2f6c66f221b461e18c5e8415d8a72b52b70af7bc4 | shasum -a 256