Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2018

Onder 3.6. Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2018, ECLI:NL:PHR:2018:714.

Gelet op het voorgaande en de hiervoor onder 3.4 weergegeven wetsgeschiedenis, in samenhang bezien met art. 94d, derde lid, Sv, moet worden aangenomen dat in geval van faillissement van de beslagene wel een op de voet van art. 94a Sv gelegd conservatoir beslag vervalt, maar niet een op de voet van art. 94 Sv gelegd beslag. Een op de voet van art. 94 Sv gelegd beslag dient immers de waarheidsvinding in strafzaken dan wel de veiligstelling van voorwerpen waarvan de verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer door de strafrechter kan worden bevolen, en houdt derhalve geen verband met de positie van de overheid als schuldeiser. (…)’’

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/59e71c009c5b64c69fae07b142ccc1ce2f6f028a0bb147f9c026e822091b9b91. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 59e71c009c5b64c69fae07b142ccc1ce2f6f028a0bb147f9c026e822091b9b91, en de alinea staat in dat document op bytes 36101 tot 36763.