Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2018

Onder 8.7. Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2018, ECLI:NL:PHR:2018:714.

In de toelichting op het middel wordt betoogd dat de rechtbank het antwoord op de vraag of na de wetswijziging van art. 33a lid 1 sub a Sr de jurisprudentie van de Hoge Raad herijking behoeft, in het midden heeft gelaten door te oordelen dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat verbeurdverklaring zal volgen op grond van art. 33a lid 1 sub b en/of c Sr. Het is dan ook tegen dit oordeel van de rechtbank waar het middel zich in de eerste plaats tegen keert. De vraag of het onderscheid tussen art. 94 en 94a Sv in geval van faillissement herijking behoeft komt immers pas aan bod als het beslag strekt tot verbeurdverklaring op grond van art. 33a lid 1 sub a Sr en speelt niet in de situatie dat het strekt tot verbeurdverklaring op grond van art. 33a lid 1 sub b en/of c Sr.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/59e71c009c5b64c69fae07b142ccc1ce2f6f028a0bb147f9c026e822091b9b91. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 59e71c009c5b64c69fae07b142ccc1ce2f6f028a0bb147f9c026e822091b9b91, en de alinea staat in dat document op bytes 43367 tot 44160.