Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2018

Onder 4.3. Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 mei 2018, ECLI:NL:PHR:2018:724.

Uit vorenstaande concludeert het hof dat de verdachte met een breekijzer in zijn hand en met een zwarte pet op zijn hoofd op de plaats delict aanwezig was op het moment dat aldaar een poging woninginbraak plaatsvond. De verklaring van de verdachte, inhoudende dat hij op de bewuste avond was verdwaald omdat hij de verkeerde afslag op weg van Amsterdam naar Rotterdam had genomen en zodoende midden in een woonwijk in Zwijndrecht terecht kwam en niet in de betreffende woonwijk uit de auto is geweest, acht het hof ongeloofwaardig gelet op hetgeen hierboven door het hof is vastgesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/03ebef0753e542e6d57d4c8e644350baa731640f6f590ec1d3947b4eeb7cbda6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 03ebef0753e542e6d57d4c8e644350baa731640f6f590ec1d3947b4eeb7cbda6, en de alinea staat in dat document op bytes 14914 tot 15514.