Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2018
Onder 3.23. Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:749.
Deze klacht kan evenmin tot cassatie leiden. Zoals ik hiervoor heb opgemerkt (nr. 3.13) komt de feitenrechter bij zijn voorshandse uitlegoordeel een grote vrijheid toe. De feitenrechter hoeft zich ook bij zijn voorshandse uitlegoordeel niet te beperken tot de bewoordingen (in artikel 5.3) van de desbetreffende overeenkomst, maar kan daarbij ook andere omstandigheden in zijn oordeel betrekken, waaronder zoals het hof in deze zaak kennelijk heeft gedaan, de wordingsgeschiedenis van de overeenkomst. Dat de brief dateert van vijf jaar voor de koopovereenkomst en dat de brief nog uitgaat van een rol voor IMG in plaats van [eiseres] doet er niet aan af dat het hof aan deze wordingsgeschiedenis – de precontractuele fase – op begrijpelijke wijze betekenis heeft mogen toekennen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0454d7e301a34eb93176dc8684f7ad527636ea2f0dba043f200a885e3303f3f2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0454d7e301a34eb93176dc8684f7ad527636ea2f0dba043f200a885e3303f3f2, en de alinea staat in dat document op bytes 80543 tot 81404.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0454d7e301a34eb93176dc8684f7ad527636ea2f0dba043f200a885e3303f3f2 | shasum -a 256