Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2018
Onder 2.5 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:751.
(ii) een rechterlijke beslissing die mede wordt genomen op de grondslag van een voorafgaande mondelinge behandeling (daaronder begrepen een comparitie van partijen of pleidooi in dagvaardingszaken), behoort, behoudens bijzondere omstandigheden, te worden gegeven door de rechter(s) ten overstaan van wie die mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden, teneinde te waarborgen dat het verhandelde daadwerkelijk wordt meegewogen bij de totstandkoming van die beslissing. Mondelinge interactie tussen partijen en de rechter ter zitting kan van wezenlijke invloed zijn op de oordeelsvorming van de rechter, en kan niet altijd volledig in een proces-verbaal worden weergegeven, nog daargelaten dat het opmaken van een proces-verbaal niet in alle gevallen wettelijk is voorgeschreven (rov. 3.4.2);
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb1c0ad4200d4421916ee6fe0d86179901503cbcedba07f6b226c91c4a7e78c3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb1c0ad4200d4421916ee6fe0d86179901503cbcedba07f6b226c91c4a7e78c3, en de alinea staat in dat document op bytes 19292 tot 20097.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb1c0ad4200d4421916ee6fe0d86179901503cbcedba07f6b226c91c4a7e78c3 | shasum -a 256