Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2018
Onder 2.4 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2018, ECLI:NL:PHR:2018:754.
De eis van procesvertegenwoordiging door een advocaat veronderstelt dat in het nationale rechtsstelsel de toegang tot rechtsbijstand behoorlijk is geregeld . Het EHRM benadrukt de onafhankelijkheid van de advocatuur en, in verband daarmee, de eigen verantwoordelijkheid van de advocaat voor een goede rechtsbedeling. Verdragsstaten zijn – behoudens uitzonderingssituaties – niet aansprakelijk voor eventuele tekortkomingen van advocaten . Zij kunnen een advocaat niet dwingen om een procedure te voeren of om een rechtsmiddel in te stellen . Wel dienen de verdragsstaten zo nodig te voorzien in een adequaat stelsel van gefinancierde rechtsbijstand ( legal aid ), dat voldoende bescherming biedt aan daarvoor in aanmerking komende personen . Het EHRM onderkent in dit verband dat van overheidswege gefinancierde rechtsbijstand niet mogelijk is zonder selectiemechanismen . Tegen die achtergrond mag gefinancierde rechtsbijstand afhankelijk worden gesteld van de financiële positie van de rechtzoekende en van de slagingskansen van een eventuele procedure .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/03501442a691798f6a58348d8c61eaf1597fd61fa4e30bed3ca8a5be13f9f9b9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 03501442a691798f6a58348d8c61eaf1597fd61fa4e30bed3ca8a5be13f9f9b9, en de alinea staat in dat document op bytes 10823 tot 12372.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/03501442a691798f6a58348d8c61eaf1597fd61fa4e30bed3ca8a5be13f9f9b9 | shasum -a 256