Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018
Onder 2.10 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:78.
Indien de Hoge Raad de benadering van deze kwestie door de genoemde bestuursrechters zou willen volgen, zouden de tweede en de derde stap in genoemd ‘stappenplan’ tot op zekere hoogte door de burgerlijke rechter kunnen worden overgenomen. Waartoe zou deze benaderingswijze in dit geval leiden? Indien een instelling gebruik maakt van haar bevoegdheid als bedoeld in art. 1:451 lid 2 BW en, ter staving van haar stellingen omtrent de geestelijke of lichamelijke toestand van de betrokkene een geneeskundige verklaring bijvoegt van een arts die in dienst is van de instelling of in opdracht van de instelling werkt, kan bij een procespartij twijfel rijzen over de onpartijdigheid van die arts. Twijfel over de onpartijdigheid leidt niet tot een schending van art. 6 lid 1 EVRM indien deze twijfel niet objectief kan worden gestaafd. De rechter heeft dan te onderzoeken of de betrokkene voldoende mogelijkheden heeft gehad tot betwisting van de medische bevindingen van de rapporterende arts, bijvoorbeeld door zelf stukken in te brengen. Indien de rechter vaststelt dat equality of arms ontbreekt, zal de rechter – binnen de grenzen van zijn bevoegdheden – ervoor moeten maken dat het evenwicht wordt hersteld, bijvoorbeeld door benoeming van een onafhankelijke medisch deskundige.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd3911593b3373c159a509da561002d2e16fac5945082e63b322f01f4af2eb2b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd3911593b3373c159a509da561002d2e16fac5945082e63b322f01f4af2eb2b, en de alinea staat in dat document op bytes 29905 tot 31206.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cd3911593b3373c159a509da561002d2e16fac5945082e63b322f01f4af2eb2b | shasum -a 256