Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2018
Onder 2.23 Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2018, ECLI:NL:PHR:2018:791.
Het hof heeft niet vastgesteld dat [eiser] persoonlijk betrokken was bij de onderhandelingen die [verweerder] met de Raad voor de Rechtspraak voerde. In de redenering van het hof was dat ook niet nodig: voor een beoordeling van het beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en de billijkheid is voldoende dat [eiser] op de hoogte was van het feit van die onderhandelingen. Niet onbegrijpelijk is waarom het hof dit laatste aannemelijk heeft geacht. In rov. 6.30 - 6.32 is het hof ervan uitgegaan dat in dit uitzonderlijke geval niet alleen begrijpelijk is, maar ook rechtens relevant, dat [verweerder] om escalatie van het conflict te voorkomen ervoor heeft gekozen, te wachten met het instellen van een vordering of met het verrichten van een stuitingsdaad rechtstreeks jegens [eiser] . Nadat de Rotterdamse zaak – het hof vermeldt: op verzoek van [eiser] − was geroyeerd, is dit uitgangspunt niet veranderd. Het oordeel over de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid berust niet uitsluitend op de omstandigheid dat [verweerder] in onderhandeling was met de Raad voor de Rechtspraak en dat [eiser] daarmee bekend was. Onderdeel 1.2.4 faalt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a2d6d6dd32ccd5be782267da579647cf1d0cd267032f3f68776381b751763b47. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a2d6d6dd32ccd5be782267da579647cf1d0cd267032f3f68776381b751763b47, en de alinea staat in dat document op bytes 65749 tot 66932.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a2d6d6dd32ccd5be782267da579647cf1d0cd267032f3f68776381b751763b47 | shasum -a 256