Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018
Onder 2.9 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:80.
Art. 382 Rv bepaalt dat een vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan – kort gezegd – op vordering van een partij kan worden herroepen op een drietal gronden: (a) het berust op bedrog door de wederpartij in het geding gepleegd, (b) het berust op valse stukken of (c) de partij heeft na het vonnis stukken van beslissende aard in handen gekregen die door toedoen van de wederpartij waren achtergehouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9b2e5c4bd8f2225f784fa652227855c58aa1c7843e38d9548f9546a843c4c011. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9b2e5c4bd8f2225f784fa652227855c58aa1c7843e38d9548f9546a843c4c011, en de alinea staat in dat document op bytes 22121 tot 22542.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9b2e5c4bd8f2225f784fa652227855c58aa1c7843e38d9548f9546a843c4c011 | shasum -a 256