Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018
Onder 3.31 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:81.
“Het Europese Hof heeft in dit verband overwogen dat het in beginsel aan de betrokken aanbestedende dienst is om, alvorens de voorwaarden van de aankondiging op te stellen, het eventuele grensoverschrijdend belang van een opdracht te beoordelen, met dien verstande dat deze beoordeling door de rechter kan worden getoetst. Volgens het Hof lijkt voldoende dat het “waarschijnlijk is dat ondernemingen uit andere lidstaten bij een marktbevraging belangstelling zouden hebben getoond.” Het uiten van daadwerkelijke belangstelling is niet vereist, maar het is niet voldoende als het bestaan van duidelijk grensoverschrijdend belang slechts niet kan worden uitgesloten. Met dit laatste lijkt in ieder geval van tafel te zijn dat alle opdrachten in Nederland zonder meer een duidelijk grensoverschrijdend belang zouden hebben, vanwege de nabijheid van de grenzen met België en Duitsland. Zodra een duidelijk grensoverschrijdend belang eenmaal vaststaat, geldt de transparantieverplichting overigens niet alleen jegens ondernemingen uit andere lidstaten, maar jegens elke potentiële inschrijver.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cc70a4971a70f007bd0ae6253a179d601c6a839a2a85351b0d72808c90dd2da5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cc70a4971a70f007bd0ae6253a179d601c6a839a2a85351b0d72808c90dd2da5, en de alinea staat in dat document op bytes 84573 tot 85720.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cc70a4971a70f007bd0ae6253a179d601c6a839a2a85351b0d72808c90dd2da5 | shasum -a 256