Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juli 2018
Onder 2.43 Parket bij de Hoge Raad 6 juli 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juli 2018, ECLI:NL:PHR:2018:829.
Het voorgestelde art. 196 Rv neemt in het tweede lid tot uitgangspunt dat de rechter een verzoek om een of meer voorlopige bewijsverrichtingen toewijst, tenzij de rechter van oordeel is dat een van de in dat lid genoemde vijf afwijzingsgronden aanwezig is. Daarbij is aangesloten bij de onder 2.42 genoemde afwijzingsgronden, terwijl daarnaast het vereiste van voldoende bepaaldheid van de bescheiden en de weigeringsgrond van gewichtige redenen uit het inzagerecht zijn overgenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01f427ccaef8e7c8c0e973a009a800843cc98598162376d43145cc03098adadc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01f427ccaef8e7c8c0e973a009a800843cc98598162376d43145cc03098adadc, en de alinea staat in dat document op bytes 64274 tot 64770.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/01f427ccaef8e7c8c0e973a009a800843cc98598162376d43145cc03098adadc | shasum -a 256