Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2018
Onder 3.5 Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2018, ECLI:NL:PHR:2018:830.
De belanghebbende wijst op uw arrest HR BNB 2016/166, dat inhoudt dat voor de bedrijfsopvolgingsregeling onder werkzaamheden voor rekening en risico van een vennootschap rekening moet worden gehouden met zowel door eigen werknemers verrichte arbeid als uitbestede werkzaamheden. ’s Hofs oordeel dat toerekening van [A] ’ werkzaamheden in strijd zou zijn met de ratio van art. 17(3)(b) Wet Vpb is onbegrijpelijk, gelet op HvJ EU Eqiom en Enka en Deister en Juhler . [A] ’ werkzaamheden vormen volgens de belanghebbende juist een wezenlijk en relevant aspect van de te beoordelen situatie ( Deister en Juhler , punt 74). Dat het uiteindelijke verlies voor rekening zou komen van [A] is irrelevant, want in elke structuur komt het resultaat uiteindelijk ten bate of ten laste van de uiteindelijk aandeelhouder.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0747eafb4e8d83a84efc06fb42ae22c804172afabe9dbacde3c166cdda33dfe0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0747eafb4e8d83a84efc06fb42ae22c804172afabe9dbacde3c166cdda33dfe0, en de alinea staat in dat document op bytes 67341 tot 68304.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0747eafb4e8d83a84efc06fb42ae22c804172afabe9dbacde3c166cdda33dfe0 | shasum -a 256