Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2018

Onder 9.6 Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2018, ECLI:NL:PHR:2018:830.

De boven geciteerde rechtspraak van het HvJ EU verbiedt algemene vermoedens van belastingfraude of belastingontwijking, met name automatische uitsluiting van de voordelen van de MDR van hele categorieën van gevallen, zoals in de geciteerde Franse zaak Eqiom en Enka alle gevallen waarin achter de EU-Moeder een niet-EU aandeelhouder zit, en bovendien met omkering van de bewijslast. De Franse fiscus hoefde voor geen van deze derdelandengevallen zelfs maar een begin van bewijs of aanwijzingen van belastingontwjking te leveren. In elk geval van achterliggende derdelanden-aandeelhouder moest de belastingplichtige haar goede trouw bewijzen. Een dergelijk véél te ruim misbruikvermoeden en een dergelijke eenzijdige bewijslastverdeling (volledige omkering) zijn uiteraard disproportioneel in verhouding tot het doel om (alleen) misbruik te bestrijden. Daarvan is in belanghebbendes geval echter geen sprake. Het Hof heeft – in cassatie in beginsel onaantastbaar – op basis van een beoordeling van alle in specifiek haar geval relevante feiten en omstandigheden geoordeeld dat de Inspecteur voldoende concreet ‘begin van bewijs of aanwijzingen’ heeft geleverd, en art. 17(3)(b) heeft althans volgens de Commissie kennelijk ook in abstracto voldoende ‘specifiek tot doel’ misbruik te bestrijden, nu de Commissie immers haar bezwaren tegen die bepaling introk na de boven weergegeven toevoeging van het ontgaanscriterium in 2012.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0747eafb4e8d83a84efc06fb42ae22c804172afabe9dbacde3c166cdda33dfe0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0747eafb4e8d83a84efc06fb42ae22c804172afabe9dbacde3c166cdda33dfe0, en de alinea staat in dat document op bytes 178471 tot 179996.