Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018

Onder 2.16 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:84.

“3.7.2 (…) Hierbij verdient nog opmerking dat een verjaringstermijn die op de voet van art. 3:310 lid 1 is gaan lopen, mede geldt voor de vordering tot vergoeding van schade waarvan de benadeelde redelijkerwijs kon verwachten dat hij die als gevolg van dezelfde schadeveroorzakende gebeurtenis zou kunnen gaan lijden, omdat in zoverre sprake is van afzonderlijke elementen van de reeds ingetreden schade (vgl. HR 19 oktober 2001, LJN ZC3686 , NJ 2001/655 en HR 10 september 2010, LJN BM7041 ).”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e35ef0bb2f5fcad4c565c088be415e0bf4ce801563040bae08d677d85bd737e4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e35ef0bb2f5fcad4c565c088be415e0bf4ce801563040bae08d677d85bd737e4, en de alinea staat in dat document op bytes 82290 tot 82908.