Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018
Onder 2.25 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:84.
Hoewel het subonderdeel terecht aanvoert dat uit ASR/Achmea volgt dat deze verjaringstermijn van art. 3:310 lid 1 BW niet eerder kan beginnen dan op de dag na die waarop de schadevordering opeisbaar is geworden, ook indien eerder bekend is dat de schade geleden zal worden en wie de aansprakelijke persoon is, miskent het subonderdeel dat in dit geval – zoals het hof ook vaststelt in rov. 6.2 – sprake is van schade waarvan de benadeelde redelijkerwijs kon verwachten dat hij die als gevolg van dezelfde schadeveroorzakende gebeurtenis zou kunnen gaan lijden. Voor dergelijke doorlopende/voortdurende schade geldt voor het beginnen van de korte verjaringstermijn de hiervoor in 2.16 geciteerde regel uit ASR/Achmea .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e35ef0bb2f5fcad4c565c088be415e0bf4ce801563040bae08d677d85bd737e4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e35ef0bb2f5fcad4c565c088be415e0bf4ce801563040bae08d677d85bd737e4, en de alinea staat in dat document op bytes 93852 tot 94657.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e35ef0bb2f5fcad4c565c088be415e0bf4ce801563040bae08d677d85bd737e4 | shasum -a 256