Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018
Onder 2.29 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:84.
Subonderdeel 5.1.1 voert aan dat het oordeel van het hof dat TMG aan haar beroep op art. 2.140 en 3.28 Mediawet 2008 niet de conclusie heeft verbonden dat dat voor het op de Mediawet gebaseerde deel van de schadevordering de verjaring pas in 2008 is gaan lopen, getuigt van een onjuiste rechtsopvatting. Het was immers niet aan TMG deze conclusie te trekken, maar aan het hof om te oordelen dat het verjaringsverweer van de Staat ten aanzien van door art. 2.140 en 3.28 Mediawet 2008 veroorzaakte schade geen doel kan treffen. Tot uitgangspunt dient immers dat de brief van TMG van 21 september 2012 stuitende werking heeft en (op grond van subonderdeel 5.1.2) dat het invoeren van art. 2.140 en 3.28 Mediawet 2008 per 1 januari 2009 zelfstandige onrechtmatige daden zijn. Het hof miskent met zijn oordeel dat dit tot geen andere conclusie kan leiden dan dat een vordering tot vergoeding van schade veroorzaakt door het invoeren van art. 2.140 en 3.28 Mediawet 2008 op grond van art. 3:310 lid 1 BW niet eerder verjaard kan zijn dan op 1 januari 2014.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e35ef0bb2f5fcad4c565c088be415e0bf4ce801563040bae08d677d85bd737e4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e35ef0bb2f5fcad4c565c088be415e0bf4ce801563040bae08d677d85bd737e4, en de alinea staat in dat document op bytes 96703 tot 97817.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e35ef0bb2f5fcad4c565c088be415e0bf4ce801563040bae08d677d85bd737e4 | shasum -a 256