Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019

Alinea 147 Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1018.

Deze Afghaanse man had in Leiden een kantoor en hij zou voor [betrokkene 1] iets gaan verdienen in een bedrijf. [betrokkene 1] zou, als alles goed zou gaan, € 200,- per maand contant krijgen van hem. Hij hoefde alleen het bedrijf op zijn naam te nemen. Dat bedrijf moest hij wel zelf regelen. Hij heeft op internet gezocht om een bedrijf te vinden. Uiteindelijk was hij terechtgekomen bij de eerdere eigenaar van [C] . Hij had dit bedrijf van hem overgenomen zonder dat hij ervoor hoefde te betalen. Hij was alleen naar een notaris in Zwartsluis geweest en heeft daar de papieren ondertekend waarmee hij directeur/eigenaar werd van [C] . Daar kreeg hij van de vorige eigenaar € 500,- contant uitbetaald. Van [C] heeft hij toen geen administratie gekregen en hij wist niet of er een schuld in deze B.V. zat. Volgens de toenmalige eigenaar zou het een schone B.V. zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca4df2cda30db6479f087ca658a530c2539f6d87904ff1d27da9b08481d5abba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca4df2cda30db6479f087ca658a530c2539f6d87904ff1d27da9b08481d5abba, en de alinea staat in dat document op bytes 38342 tot 39226.