Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019

Alinea 185 Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1018.

15. Als gezegd is de bestendige lijn dat geen aanspraak op verhoorbijstand aan art. 6 EVRM kan worden ontleend in zaken waarin het politieverhoor vóór 22 december 2015 plaatsvond, nog betrekkelijk kort geleden door de Hoge Raad bevestigd. Ik meen evenwel dat hier niet kan worden volstaan met de slotsom dat de klacht op die rechtspraak afstuit. Naar mijn inzicht is er grond om (toch) bij deze, op art. 6 EVRM toegesneden klacht langer stil te staan gelet op recente rechtspraak van het Europese Hof (hierna ook: het Hof), waarbij ik met name het oog heb op zijn arrest van 28 mei 2019, nr. 23192/15 in de zaak Van de Kolk/Nederland waarin een schending van art. 6 EVRM is vastgesteld . Ik licht dit als volgt toe.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca4df2cda30db6479f087ca658a530c2539f6d87904ff1d27da9b08481d5abba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca4df2cda30db6479f087ca658a530c2539f6d87904ff1d27da9b08481d5abba, en de alinea staat in dat document op bytes 58017 tot 58882.