Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019
Alinea 213 Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1018.
31. Het hof heeft na terugwijzing van de zaak de bewijsvoering over een wat andere boeg gegooid. Met zijn hierboven in randnummer 5 weergegeven nadere overweging over het opzet heeft het hof niet geoordeeld dat [A] bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zij deelnam aan btw-fraude en om die reden geen recht had op aftrek van voorbelasting. Het hof is nu tot het oordeel gekomen dat de verdachte als feitelijke leidinggever bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard (i) dat hij valse facturen accepteerde en verwerkte en (ii) dat hij onjuiste aangiften omzetbelasting indiende, waarbij het hof in aanmerking heeft genomen dat de facturen geen door [B] en [C] aan [A] geleverde goederen betroffen en er om die reden geen recht op aftrek van btw kon ontstaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca4df2cda30db6479f087ca658a530c2539f6d87904ff1d27da9b08481d5abba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca4df2cda30db6479f087ca658a530c2539f6d87904ff1d27da9b08481d5abba, en de alinea staat in dat document op bytes 81755 tot 82600.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca4df2cda30db6479f087ca658a530c2539f6d87904ff1d27da9b08481d5abba | shasum -a 256