Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019

Alinea 215 Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1018.

33. Nu is het wel zo dat het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft beslist dat een factuur die niet voldoet aan alle formele vereisten (en er in die zin dus sprake is van een licht formeel gebrek) geen reden mag zijn om de vooraftrek van btw te weigeren, indien dan maar wel is voldaan aan de materiële voorwaarden voor toepassing van het recht op btw-aftrek. Het bewust niet-vermelden van de werkelijke leverancier, of het vermelden van een leverancier die in werkelijkheid niet de bedoelde goederen aan de betrokken ondernemer levert, kortom het sjoemelen met gegevens, is evenwel in de regel niet een licht formeel gebrek als hier bedoeld. Illustratief daarvoor is de belastingzaak die leidde tot HR 6 juni 2008, ECLI:NL:HR:2008:AX6306, BNB 2009/46, m.nt. Van der Paardt. In die zaak was de belanghebbende een ondernemer in verkoop en verhuur van autobanden. Hij kocht deze van een zekere D., die autobanden aanbood tegen een prijs die beduidend beneden de marktprijs lag. De belanghebbende kreeg voor zijn aankopen facturen van twee bedrijven die werden vertegenwoordigd door D. Van deze twee bedrijven bleken adres en/of overige coördinaten vals, onjuist of onbruikbaar. De belanghebbende verkocht de autobanden door en paste het nultarief toe. De autobanden werden door transportbedrijf M. rechtstreeks geleverd aan de afnemers van de belanghebbende. De belanghebbende betaalde de koopprijs van de autobanden aan deze M. Het hof oordeelde in appel dat de van de twee door D. vertegenwoordigde bedrijven afkomstige facturen niet voldeden aan de in art. 35, eerste lid, Wet OB gestelde eisen. Nu volgens het hof uit de feiten moest worden afgeleid dat de belanghebbende de banden kocht van M., vermeldden de facturen van de twee bedrijven immers niet de werkelijke leverancier. De Hoge Raad achtte dat oordeel feitelijk en niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd. Daarmee volgde de Hoge Raad de uitvoerige conclusie van mijn ambtgenoot Wattel die tevens met zoveel woorden concludeerde dat het hof “zonder schending van het recht” tot het oordeel kon komen dat de belanghebbende geen recht kon doen gelden op aftrek van de door de “ploffers” aan hem gefactureerde btw.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca4df2cda30db6479f087ca658a530c2539f6d87904ff1d27da9b08481d5abba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca4df2cda30db6479f087ca658a530c2539f6d87904ff1d27da9b08481d5abba, en de alinea staat in dat document op bytes 84026 tot 86397.