Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2019

Onder 3.13 Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1059.

De mogelijkheid van de concernenquête heeft, al voordat in 2005 de Landis -beschikking werd gewezen, maar ook mede naar aanleiding van die beschikking, vele vennootschapsrechtelijke pennen in beweging gebracht. De kritiek in de literatuur ziet niet zozeer op het toelaten van de concernenquête als zodanig, maar veeleer op het ontbreken van een uitdrukkelijke wettelijke grondslag daarvoor en voorts op de motivering van de Landis -beschikking die de nodige uitlegvragen heeft opgeroepen. Illustratief in dit verband is Storm, die opmerkt: “Ik juich dit resultaat [het toelaten van een concernenquête op verzoek van aandeelhouders, A-G], dat tot die dag [in 2005 waarop de Landis -beschikking werd gewezen, A-G] onzeker was, om maatschappelijke redenen toe, maar heb grote moeite met de motivering (…).”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/43b00bb65f2391e7d094ce013b8fa48a492bc9e25be7fbcd492e36dbfda248a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 43b00bb65f2391e7d094ce013b8fa48a492bc9e25be7fbcd492e36dbfda248a9, en de alinea staat in dat document op bytes 57656 tot 58775.