Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 december 2019

Onder 4.6. Parket bij de Hoge Raad 12 december 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 december 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1321.

De rechtbank stelt voorop dat de inspecteur bij het gebruik maken van zijn bevoegdheid om informatie op te vragen de algemene beginselen van behoorlijk bestuur in acht dient te nemen, zoals het evenredigheidsbeginsel. Naar het oordeel van de rechtbank had de inspecteur in het onderhavige geval weliswaar aanleiding tot het stellen van vragen (zie 4.3), maar is in deze fase van zijn onderzoek - waarbij het gaat om de beoordeling of belanghebbende belastingplichtig is in Nederland - het onevenredig om de gehele administratie “in de ruimste zin van het woord” op te vragen. Naast de omvang van de gevraagde informatie als zodanig, heeft de rechtbank daarbij ook in aanmerking genomen enerzijds dat belanghebbende - door de inspecteur onbestreden - heeft gesteld dat het overleggen van bepaalde gegevens zou betekenen dat zij daarmee de wetgeving van Curaçao schendt en anderzijds al haar cliënten verliest en dit dus grote commerciële impact op belanghebbende heeft. Voorts heeft de rechtbank in aanmerking genomen dat niet gebleken is dat de inspecteur eerder met minder vergaande informatieverzoeken heeft getracht aan de voor vaststelling van belanghebbendes belastingplicht in Nederland benodigde informatie te komen. De inspecteur heeft derhalve gehandeld in strijd met het evenredigheidsbeginsel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/91534d094daddea432a38c9da823cb9ed96f0bbca1629d15dfcef6125fc22969. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 91534d094daddea432a38c9da823cb9ed96f0bbca1629d15dfcef6125fc22969, en de alinea staat in dat document op bytes 22407 tot 23731.