Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2019

Onder 2.1 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1333.

Het cassatiemiddel van de curatoren is gericht tegen de afwijzing van hun vordering. Onder a klagen de curatoren dat het hof in rov. 6.3, 6.6 en 6.12 - 6.14 heeft miskend dat wanneer een partij ten onrechte niet de overeengekomen weg naar de bindend adviseur volgt, maar rechtstreeks een procedure begint bij de burgerlijke rechter, dit niet behoort te leiden tot afwijzing van de vordering, maar tot een niet-ontvankelijkverklaring, althans tot een onbevoegdverklaring van de rechter. Onder b klagen zij dat het hof in het dictum ten onrechte (de afwijzing van de vordering in) het vonnis van de rechtbank heeft bekrachtigd. Onder c klagen zij – subsidiair, voor zover de rechtsklachten onder a en b niet zouden slagen – dat het bestreden arrest onbegrijpelijk is ten aanzien van de bekrachtiging van het vonnis.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efe5d2772440d723229c5fc318b85d67c0877ef3e446c73bd98d129181cab4aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efe5d2772440d723229c5fc318b85d67c0877ef3e446c73bd98d129181cab4aa, en de alinea staat in dat document op bytes 14622 tot 15602.