Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019
Onder 3.7. Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:154.
De klachten als hiervoor onder 3.3 sub 2 omschreven, missen feitelijke grondslag. Op zichzelf lijkt me juist de rechtsopvatting waarvan het middel uitgaat, namelijk dat ook met betrekking tot de vraag of een overeenkomst tot bindend advies is tot stand gekomen, zogenaamde stilzwijgende verklaringen (art. 3:37 lid 1 BW) mede in aanmerking komen. Het middel duidt echter niet aan waaruit zou volgen dat het hof van een andere opvatting is uitgegaan. Ik meen dat uit rechtsoverweging 5.5 van het arrest van het hof bovendien het tegendeel volgt. De wijze waarop het hof op die plaats diverse feitelijkheden bespreekt, laat zich niet anders begrijpen dan dat in de opvatting van het hof ook stilzwijgende verklaringen in aanmerking moeten worden genomen. Zou het hof zijn uitgegaan van de opvatting die de steller van het middel het hof toedicht, dan had het hof het aanzienlijk korter gehouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2918e4308a31aecebf12dcff4c1bfe2ffa48f65e84117b8e0081df6668efd6c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2918e4308a31aecebf12dcff4c1bfe2ffa48f65e84117b8e0081df6668efd6c5, en de alinea staat in dat document op bytes 21320 tot 22291.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2918e4308a31aecebf12dcff4c1bfe2ffa48f65e84117b8e0081df6668efd6c5 | shasum -a 256